CHOWA ZOUTLEEUW

CHOWA ZOUTLEEUW

vrijdag 30 maart 2012

20 jaar Japanse Tuin in Hasselt


Al 20 jaar is Hasselt de trotse bezitter van Europa's grootste Japanse tuin. Een mooi stukje natuur, gedetailleerd nagebouwd zoals de Japanners zelf zouden doen.
Ontwerpers, architecten en landschapsarchitecten, eerder al betrokken bij de restauratie van eeuwenoude keizerlijke tuinen en het oprichten van historisch verantwoorde gebouwen stonden in voor het ontwerp, terwijl Japanse vaklui maandenlang kampeerden om de tuin vorm te geven volgens de strikte regels van de sakuteiki (de kunst van het vormgeven van het landschap) zoals voorgeschreven door de grootmeester in de twaalfde eeuw.

Met een oppervlakte van 25.000 m² laat de Japanse tuin u wandelen door een rustgevend berglandschap, doorsneden door langzaam stromende bergriviertjes, rotspartijen en zicht op een vissersdorp.
Tijdens de geleide wandeling laat een ervaren gids u verder kijken dan het visueel waarneembare en wekt hij zowat elke steen en plant tot leven. Zelfs het water vertelt een verhaal en trekt een parallel met het menselijke leven.
Wat het meer ingetogen zen-gebeuren betreft is er een focuspunt op de drakenpoortwaterval die uitnodigt tot contemplatie over het vervullen van eigen wensen en verwachtingen en een shintotempel die een ontmoeting met de kami-goden- mogelijk maakt.

(tekst is citaat uit inleidingspagina '20 jaar Japanse Tuin Hasselt')






















Fotograaf onbekend









maandag 26 maart 2012

VBV wordt 35 jaar (2).

Volgende bomen uit onze club werden na selectie weerhouden om deel te nemen aan de tentoonstelling ter gelegenheid van 35 jaar VBZ te Meise.


Carpinus betulus
Jos Higuet

Chamaecyparis
Jos Higuet

Larix decidua
Dirk Mellemans

Taxus baccata
Dirk Mellemans







VBV wordt 35 jaar (1).


De Vlaamse Bonsaivereniging bestaat 35 jaar en dit wordt uitgebreid gevierd in de Nationale plantentuin van Meise.



donderdag 22 maart 2012

Lente, tijd om te verpotten.

Voor veel van onze bomen is dit het ideale moment om te verpotten. Niet alleen het vervangen van de grond maar ook het snoeien van de wortels is belangrijk om de bonsai in goede conditie te houden.

Daarom dit overzicht.

Acer palmatum, Acer buergerianum
Bij de wortelsnoei is het belangrijk om niet alle wortels ineens te snoeien. Beperkt je bij elke snoeibeurt tot het terugsnoeien van 1/3 van de wortels. Doe dit in de vroege lente alvorens de nieuwe knoppen uitlopen en de bladeren nog niet zichtbaar zijn.
Je kunt ook verpotten in de herfst maar snoei dan minder wortels omdat de boom dan veel gevoeliger is.

Ulmus parvifolia
Net zoals bij de Acers is het aan te raden niet alle wortels ineens te snoeien maar maximum 1/3 tot 1/4 van het aantal per snoeibeurt.
Kleinere boompjes worden jaarlijks verpot terwijl de oudere exemplaren om de drie tot vier jaar in dezelfde pot mogen blijven.
Verpotten gebeurt in de vroege lente bij het zwellen van de knoppen.
In de herfst verpotten mag ook maar dan dien je wel je boom extra te beschermen tegen de komende vorst, hij is dan immers minder gewapend tegen de vrieskou.

Quercus
Een eik wordt verpot in de vroege lente voor de knoppen uitlopen. De boom verdraagt een grondige wortelsnoei.
Wanneer je verkiest om je boom in de herfst te verpotten snoei je best minder wortels terug.

Juniperus
Ook voor de Juniperussen is de lente de beste periode om te verpotten. Jonge jeneverbessen ondergaan dit werkje het best jaarlijks terwijl de oudere soortgenoten een drietal jaren na een verpotbeurt verder kunnen. Ook voor een Jeneverbes is het raadzaam om geen te drastische wortelsnoei per keer uit te voeren (1/3).
Verkies je in de herfst te verpotten, snoei dan nog minder wortels om de boom zo beter te wapenen tegen de komende winter.

Carpinus betulus
Verpot om de twee of drie jaar in het voorjaar omdat de wortels dan krachtig teruggesnoeid kunnen worden. Verklein de wortelkluit met 30 tot 40%.
In de herfst verpotten kan ook mits mindere wortelsnoei.

Cotoneaster horizontales
Omdat Cotoneasters snelgroeiers zijn dienen jonge planten jaarlijks verpot te worden tussen de late winter en het vroege voorjaar. Verwijder tot 1/3 van de wortels.

Fagus sylvatica
In het voorjaar verpotten, voor de knoppen uitlopen is aan te raden boven het najaar om reeds eerder vernoemde redenen. Jonge planten verpot je om de twee tot drie jaar terwijl oudere planten gerust vier jaar in hetzelfde grondmengsel mogen staan.

Ginkgo biloba
Jonge exemplaren verpot je best elk voorjaar, ouder elke 2-3 jaar.

Larix decidua
Omdat de Larix een sterke wortelgroei vertoont is het aan te raden om jaarlijks te verpotten. Doe dit juist voordat de knoppen gaan uitlopen. Wanneer de nieuwe naalden zichtbaar zijn is verpotten 'not done'. De boom zal dit waarschijnlijk niet overleven.

Picea abies
Picea's zijn niet dol op ingrepen aan het wortelgestel. Verpot bijgevolg zo weinig mogelijk. Jonge bomen om de 2-3 jaar en exemplaren ouder dan 10 jaar om de 5-6 jaar. Verpotten en wortelsnoei doe je best halfweg de lente voor de jonge groei zich uitbreidt. Snoei niet meer dan 1/3 en plaats de boom na het verpotten op het schaduwrijke plaats.

Pinus densiflora, Pinus sylvestris, Pinus parviflora
Wordt verpot om de 3-4 jaar van begin tot halfweg de lente voordat de nieuwe groei zich uitbreidt. Net zoals bij de Picea kunnen bomen ouder dan 10 jaar om de 5 jaren verpot worden. Wortelsnoei: 1/3 van het totaal per keer.

Taxus baccata
Taxus is een trage groeier en daarom dient er slechts om de 3-4 jaar verpot te worden in het voorjaar. Na het verpotten kan een 'Taxus' treuren door een minder sterk groeiseizoen. Dit is normaal en geen reden tot paniek.


Onderstaande video van Graham Potter laat de basisbeginselen van het verpotten zien.


Link




dinsdag 20 maart 2012

Water geven, meer dan met de tuinslang rondlopen.

De bonsai ontwaken uit hun winterrust en voor ons breekt eindelijk weer een drukke periode aan. Eens alle 'herstellingen' als gevolg van winterschade zijn uitgevoerd begint het dagelijks ritueel van onderhoud.

Waar veel bonsai liefhebbers niet bij stilstaan, zeker wanneer je met je hobby start, is het toedienen van water. Vaak wordt er één keer per week water toegediend aan al je bomen zonder hier verder veel aandacht aan te schenken. Let wel, dat niet elke boom nood heeft aan dezelfde watergift wordt dan wel uit het oog verloren.

Onderstaande lijst geeft daarom de bomen weer die in onze club aanwezig zijn en probeert een richtlijn te zijn naar gerichtere watergift.

Een handig instrumentje, in elke tuinzaak te koop, is een hygrometer. Dit toestel helpt je om de vochtigheidsgraad van je bonsaigrond te bepalen en vertelt je wanneer het tijd is om water toe te dienen.



Bomenlijst

Acer buergerianum, Acer palmatum
Zijn zeer gevoelig voor wortelrot. Vragen een vochtige maar niet te natte bodem. Zorg voor een goede drainage van de bodem. Best water geven in de vroege ochtend. 

Carpinus betulus
Heeft veel water nodig, liefst regenwater (is trouwens aan te raden voor al je bonsai). Tijdens warme dagen kan meerdere malen watergift per dag nodig zijn.

Chamaecyparis

Houdt niet van overdreven veel water omdat deze soort gevoelig is voor wortelrot. Geef daarom 's morgens water en doe dit pas wanneer de vochtigheidsmeter in de rode kleur komt te staan.

Cotoneaster horizontales
Houd de grond goed vochtig en let op voor uitdroging tijdens warme zomerdagen. Cotoneasters houden van vochtige bodems.

Fagus sylvatica
Vraagt veel water. Zeker in de zomer. Uitdrogen van de bladrand kan wijzen op water tekort. In de winter watergift afbouwen.

Forsythia x intermedia
Forsythia houdt van vochtige bodem. Wacht wel tot de bodem wat uitgedroogd is voor nieuw water toe te voegen.

Ginkgo biloba
Niet zuinig zijn op het toedienen van water tijdens het groeiseizoen. Wel afbouwen tijdens de winter om rotschade te voorkomen.

Ilex serrata
Ilex heeft behoefte aan een grote hoeveelheid water.

Juniperus chinensis, Juniperus communis, Juniperus rigida, Juniperus squamata
Geef water als de grond droog is maar niet uitgedroogd. Opletten want ook Jeneverbessen kunnen last hebben van wortelrot. Het loof tijdens warme dagen benevelen is geen luxe, maar doe dit niet als de zon sterk schijnt.

Larix decidua
Regelmatig water geven tijdens het groeiseizoen zonder hierin te overdrijven. Larix een drogere grond boven natte voeten.

Ligustrum japonicum
Gedurende het groeiseizoen is regelmatig watergeven nodig. Tijdens warme dagen is meerdere malen water geven per dag nodig. Laat tussen de watergiften de grond wel uitdrogen.

Picea abies, Picea glauca
Sparren vragen een vochtige maar zeker geen natte grond. Zorg ervoor dat de grond niet volledig uitdroogt.

Pinus densiflora, Pinus mugo, Pinus sylvestris
Vraagt regelmatig water maar laat de bodem drogen alvorens opnieuw water te geven. Benevelen wordt op prijs gesteld.

Potentilla fructicosa
Regelmatige watergift en grondoppervlak laten uitdrogen alvorens opnieuw water toe te dienen.

Taxus baccata
Zorg voor een goed doorlaatbare bodem want taxus houdt niet van natte voeten.

Ulmus parvifolia
Tijdens goeiseizoen en in de zomer is meedere malen watergift per dag nodig. Bij warm weer is een schaal met water gevuld geen overdreven luxe.


Video's





donderdag 15 maart 2012

Shohin voor beginners

Shohin zijn bomen die nog kleiner zijn dan de 'gewone' bonsai. Exacte regels voor de afmetingen bestaan niet maar men bestempelt een boom als Shohin wanneer hij onder de 20 cm groot is. Afhankelijk van de gekozen stijl kan deze hoogte variëren.

Een goede start

Een Shohin-bonsai vraagt qua dagelijkse verzorging meer aandacht dan zijn grotere broer. Het is niet moeilijk te begrijpen dat bv.:
- het grondmengsel wegens zijn beperkte omvang snel uitdroogt. Bijgevolg is de standplaats van de Shohin zeer belangrijk. Een meer schaduwrijke plaats is dus geen luxe;
- de ondergrond waarboven je je bomen gaat plaatsen beter bestaat uit gras of andere planten dan uit kiezel. In het eerste voorbeeld geeft de ondergrond vocht af terwijl in het tweede de ondergrond warmte uitstraalt;
- het dagelijks water geven een noodzaak is. Je boompje helemaal onderdompelen tot het verzadigd is, is beter dan benevelen. Het spreekt ook voor zich dat niet elke boom evenveel water vraagt. Zo blijft een Pinus een Pinus en heeft hij minder water nodig dan een Ulmus;
- net zoals bij bonsai opgelet moet worden voor het ingroeien van de draad, vooral dan bij loofbomen;
- de boom zeer gevoelig is voor windstoten. Zijn beperkte gewicht vraagt een extra beschutting hiertegen.

Mario Komsta 
Carpinus
Hoogte 18 cm

Walter Pall
Acer palmatum
Hoogte 19 cm

Voor een beginnend Shohin liefhebber is het aan te raden om met soorten te starten die stressbestendig zijn en gemakkelijker drastische ingrepen zoals snoeien, beplanten, bedraden, ... verdragen. Cotoneasters, Lonicera en Juniperussen zijn hiervoor ideaal. Bovendien zijn ze in kwekerijen zeer gemakkelijk te vinden.

Verzorgingstechnieken

1. Het knijpen
Net zoals bij de gewone bonsai is het knijpen bij de Shohin zeer belangrijk. Het knijpen zorgt er namelijk voor dat de balans van de boom bewaard blijft. Bij de behandeling van kleine bomen is dit nog belangrijker dan bij grotere bomen. Knijp daarom sterker groeiende gebieden harder dan zwakkere gebieden.
Deze techniek zal er tevens voor zorgen dat knopgroei binnen in de boom gestimuleerd wordt waardoor lange takken na enige tijd ingekort kunnen worden.

2. Verkorten van de bladstengels
Deze techniek wordt vooral toegepast bij bladverliezende bomen. In het begin van de lente wordt de dunne beschermende laag van de bladstengel weggehaald. Dit vlies is een restant van de bladknop en dient als bescherming tegen uitdroging van het blad. Deze techniek remt de groei van de bladeren.

Samenstelling van het grondmengsel

Moten Albek, een Europese autoriteit op het vlak van alles wat Shohin aangaat, zweert bij een samenstelling van grind en sphagnum mos. Het sphagnum mos heeft een zeer positieve invloed op de ontwikkeling van nieuwe wortels. De grote kwaliteit van het mos is dat het de voedingsstoffen optimaal opslaat en zeer langzaam terug afgeeft. 

Albek adviseert voor de samenstelling van de bodem:
- voor de normale Shohin: 60% sphagnum, 40% lava;
- voor Pinus en Juniperus: 50% sphagnum, 50% lava of leca-korrels (hard gebrande klei korrels).

Verpotten

Om het jaar of twee jaren is zeker aan te raden. Dit is afhankelijk van de groeisnelheid van de boom en de grootte van de pot.
Belangrijk bij het verpotten is dat de bodem droog is. Je kunt tijdens het wegnemen van de oude grond altijd benevelen.
Voor het weghalen van de oude samenstelling maak je gebruik van een eetstokje. Verwijder alle oude aarde. Bij Pinussen is het wel noodzakelijk om een kleine hoeveelheid van het oude grondmengsel te bewaren omdat de witte Mykhorizza schimmels, die in de oude grond aanwezig zijn, zeer belangrijk zijn voor de boom.

Wil je meer weten over Shohin, bezoek dan zeker de website van Morten Albek.


Klik hier.




The Art of Bonsai




    Bonsai Eejit on tour BSA 2012 (2)







dinsdag 13 maart 2012

Larix ontwaakt uit zijn winterslaap

In onze club zijn heel wat leden in het bezit van één of meerdere Lorken. Dit heeft vele redenen maar de voornaamste is zeker en vast dat de Larix een prachtplant is om mee te werken.
Bovendien is de Larix de favoriete boom van Dirk Mellemans, de mentor achter onze club, en wie bij de hond slaapt ...


© Jos Higuet
Tijd van oppotten of verpotten
Het beste moment is het vroege voorjaar voor de knoppen van de boom opengaan.
Wanneer de naalden reeds zichtbaar zijn, al is dit in een heel vroeg stadium, verpot je best niet. De kans is dan groot dat de boom het niet haalt.

Grondmengsel
Omdat Lorken niet van vochtige grond houden is een goed doorlaatbaar mengsel aan te raden. Bovendien vormen ze een dicht wortelkussen. Een mengeling van grind, split en akadama met groffe korrel is het best.

Kleine broer in de pot. 


Grote broer, de tuinbonsai is al in een verder stadium.

Snoeien
In het voorjaar worden alle overtollige knoppen verwijderd.
Overtollige knoppen kunnen zijn:
- knoppen die naar beneden wijzen;
- eindknoppen, wanneer geen lengtegroei meer nodig is;
- ...

Vormsnoei doe je best in mei-juni. Werk altijd van onder naar boven. De onderste takken laat je lang en werk piramidaal naar boven toe.
Omdat de Lork al zijn groei-energie in de top steekt dreigt hij vlug topzwaar te worden. Dit gaat ten koste van de onderste takken. Hou hier bij het snoeien rekening mee (zie ook artikel: Verfijnen Japanse Larix).

Bemesten
Lorken zijn dieetfreaken. Ze hoeven niet veel meststof. Beter, ze verdragen zelfs niet veel meststof.

Watergift
Een Lork haat natte voeten. Dit wil ook niet zeggen dat de boom graag volledig droog staat. Controleer dus goed de watergift. 

Ziekten
Trips, larixmot, larixwolluis en larixtakluis kunnen voorkomen al is dit niet frequent.
Wanneer de naalden bruine punten vertonen is er iets mis.
Behandel altijd met het juiste middel maar een gezonde boom is vrij sterk en geeft zelden problemen.

Slideshow Larixcollectie Dirk Mellemans


Klik hier.




vrijdag 9 maart 2012

Mijn bonsai is ziek.

Iedere bonsailiefhebber werd al eens geconfronteerd met een boom die er plots minder vitaal ging uitzien: de bladeren gingen hangen, verkleuren en vielen in het slechtste geval af. Je boom was duidelijk ziek. 

In zulk een geval is een goede en snelle diagnose soms van belang om verdere schade en/of sterfte van de boom te voorkomen.

Een goede diagnose richt zich op observeren van de ziektekenmerken en deze te koppelen aan de ziekteverwekkers. Hiervoor is natuurlijk enige kennis en ervaring nodig maar de onderstaande tips helpen je al een eind op weg.


De bladeren zijn vervormd
echte meeldauw, bladluizen,tripsen, gallen, bladluizen 

De bladeren zijn verkleurd
bleekzucht

De bladeren worden geel of bruin
wortelrot, schurft, te veel water, te dicht gebladerte, mijten, witte vlieg, 
dwergcicaden, verwelkingsziekte, grauwe schimmel

De bladeren zijn verwelkt
grauwe schimmel, verwelkingsziekte, antrachnose, tripsen

Aanwezigheid van necrose op de bladeren
botrytis, coryneum, antrachnose

Aanwezigheid van vlekken op de bladeren
schurft, coryneum, roest, meeldauw, mijten

De bladeren worden gegeten
blad etende insecten

Aanwezigheid van een stoffige of kleverige afzetting op de bladeren
meeldauw, grauwe schimmel, bladluizen, tripsen, schimmel

Aanwezigheid van insecten
witte vlieg, wolluis, bladluis

Aanwezigheid van zaagsel
hout etende insecten

1. Echte Meeldauw


Is een schimmelziekte die vooral terug te vinden is op eik, appels, esdoorn, meidoorn, ... en die zich zeer snel verspreidt.

Symptomen: bladeren, stengels en soms ook de bloemen zijn bedekt met een kleverige, witte stof.

Behandeling: een preventieve behandeling is aan te raden. Bayfidan®Special van Bayer werkt zowel voorkomend als genezend.



2. Valse Meeldauw



Het verschil met echte meeldauw: valse meeldauw bevindt zich aan de onderkant van het blad. Verspreidt zich heel snel.

Symptomen: geelachtige, cirkelvormige verkleuringen op het blad (olievlekken).

Behandeling: een preventieve behandeling is aan te raden. Chipo®Green van Bayer werkt zowel voorkomend als genezend. Onmiddellijk na de winter behandelen.


3. Bladluis


Bladluizen verschijnen vroeg in het voorjaar, meestal op jonge groei. Ze kunnen een wit, zwart, wollig ... voorkomen hebben.

Symptomen: scheiden een kleverig speeksel af en zijn gemakkelijk waar te nemen.

Behandeling: gemakkelijk te bestrijden. Bij verschijnen van het probleem Anti-Sect Bio van Bayer. Er wel voor zorgen dat zowel boven- als onderkant van de plant behandeld worden.



4. Tripsen


Tripsen zijn kleine, vliegende insecten, geel of bruin, nauwelijks zichtbaar met het blote oog. Ze leven in groepen en voeden zich met plantensap.

Symptomen: de bladeren zijn bedekt met kleine, bleke plekken.

Behandeling: met Insecticide 10ME van Bayer.



5. Bleekzucht



Chlorose is een gebreksziekte. 

Symptomen Het blad tussen de nerven kleurt door afbraak van bladgroen geelgroen tot geel, terwijl de nerven groen blijven. In de meeste gevallen is er een ijzertekort of een teveel aan water.

Behandeling: toedienen meststof met Fe, Mg of Mn.



6. Wortelrot



Wortelrot is een schimmelziekte die zich nestelt in de bodem van de plant en is vaak het gevolg aan een gebrekkige afvoer van water. 

Symptomen Naast verkleuring van de bladeren voelt een deel van de wortels sponsachtig aan en is een onaangename reuk merkbaar. In de kruin kunnen aften verschijnen. Snel ingrijpen is van belang of de plant is ten dode opgeschreven.

Behandeling: toedienen Fenomenal® van Bayer.



7. Schurft



Schurft is een schimmelziekte die zich voordoet nadat de bladeren lang aan vocht zijn blootgesteld.

Symptomen Ziekte begint met zwarte vlekken op de bladeren  die voortijdig geel worden. De schors van jonge takken vormt kleine puistjes die in een later stadium open barsten.

Behandeling: toedienen Dithane®WG van Bayer.


8. Mijten



Mijten zijn kleine organismen, familie van de spinnen (<1mm). Ze bevinden zich aan de onderkant van de bladeren. Mijten zijn onzichtbaar voor het blote oog en komen te voorschijn bij warm en droog weer.

Symptomen Mijten zijn zuigende insecten. De bladeren verdrogen en worden geel.

Behandeling: met Insecticide 10ME van Bayer.
9. Witte vlieg


Insect dat leeft aan de onderkant van het blad. Volwassen dieren en larven zuigen het sap uit de bladeren wat tot afsterven leidt.

Symptomen gemakkelijk te herkennen. Als je met de bladeren schudt vliegen ze weg. Omdat ze zuigen laten ze op de bladeren kleverige honingdauw achter.

Behandeling: met Anti-Sect-Bio van Bayer.
10. Dwergcicaden


Dwergcicaden leven van plantensappen en zuigen het voedsel op middels de tot zuigsnuit omgebouwde monddelen.

Symptomen voeden zich met sap van de bladeren wat verkleuring en verdorring veroorzaakt. 

Behandeling: moeilijk te bestrijden. Een universeel insecticide zoals Anti-Sect-Bio van Bayer is een optie.
11. Verwelkingsziekte


Is een veel voorkomende plantenziekte veroorzaakt door schimmels. Komt vaak voor in natte grond, dringt via de wortels de plant binnen en verstoort de sapstroom waardoor de plant sterft.

Symptomen eerste verschijnselen zijn vergeling of verwelking van de bladeren. 

Behandeling: met Cuperit van Bayer.

12. Grauwe schimmel


Is een parasiet die alle delen van de boom kan aantasten. Hij voelt zich het best in een omgeving met hoge luchtvochtigheid. De aantasting gebeurt dan via kleine wondjes of afgevallen bloemen.

Symptomen op de aangetaste delen vormen zich eerst bruine vlekken waarop later een grijs schimmelpluis gevormd wordt. 

Behandeling: met Captan.

13. Anthracnose

Is een schimmelziekte die zich ontwikkeld tijdens een lange vochtige en warme periode. Inheemse esdoorns en iepen zijn zeer gevoelig voor infectie.

Symptomen verschillen van boom tot boom. De eerste tekenen zijn ronde vlekken op de bladeren. Vervolgens ontwikkelt zich een kankergezwel op de takken die afsterven. De ziekte wordt vaak verward met gallen veroorzaakt door insecten.

Behandeling: met Cuperit van Bayer. Aangetaste delen verwijderen en verbranden.


14. Coryneum kanker
Is een schimmelziekte die de plant binnendringt via snoeiwonden, scheurtjes in de schors, bladschubben en vertakkingen.

Symptomen een paar verspreide takken krijgen doffe bladeren, die later geel worden, afsterven, bruin worden en afvallen. Op de aangetaste takken komen kankerplekken die zeer veel hars produceren. Groeit de kankerplek rond de tak dan sterft deze af.

Behandeling: bij ernstige aantasting dient de plant verwijderd te worden. Cuperit van Bayer kan als ultiem middel gebruikt worden maar geeft geen garantie op succes.
15. Roest
Is een schimmelziekte die aangetrokken wordt door een hoge luchtvochtigheid. De sporen worden door de regen en luchtstromen verspreid.

Symptomen aan het onderkant van het blad ontwikkelen zich oranje of bruine sporenhoopjes. Aan de bovenkant is op dezelfde plaats een gele verkleuring te zien. De bladeren vallen te vroeg af.

Behandeling: Bayfidan®Special van Bayer.


De getoonde voorbeelden hadden vooral betrekking op bladverliezende bomen. Hoe zit het dan met onze groenblijvende bomen ? Ook zij zijn niet gevrijwaard van ongewenst bezoek.
Ze allemaal opsommen is onbegonnen werk maar de meest voorkomende bekijken zijn: wortelrot, roest (pinussen, jeneverbessen), mijten, wolluis, plakker (rups), zwam, takluis, rode spint, taxuskever, cipressenkanker, .

Sommige van deze werden in het eerste deel van het artikel al besproken. De andere bekijken we nu even.

1. Roest (perenroest)
Komt vooral voor bij een paar jeneverbessoorten.
Is een schimmel die op het einde van de winter eerst als donkerbruine puistjes op takken of stam ontwikkelt. Vervolgens komt er een gele, oranje achtige zwam te voorschijn.
Perenroestis zeer hardnekkig en is curatief niet te behandelen al doen hierover de wildste verhalen de ronde. Aangetaste takken dienen onmiddellijk verwijderd en verbrand te worden.

2. Wolluis
De wolluis nestelt zich op de naalden en is te herkennen aan de witte, wollige pluislaag waarmee hij zich beschermt. Het beestje heeft het gemunt op het sap maar de schade is miniem. Naalden verkleuren en het uitzicht op de spar is om zeep.
Behandeling: Insecticide 10ME van Bayer.


3. Plakker
Behaarde rups van 5cm die haar eitjes op de boomstammen legt en bedekt met haartjes. De larven eten de naalden op en plukken de conifeer kaal.
Behandeling: Insecticide 10ME van Bayer.


4. Zwammen
Je coniferen zijn ernstig ziek als je er zwammen op ziet groeien. Meestal zijn deze schimmels fataal voor de boom omdat je ze pas in een laat stadium opmerkt. 
Het is één van de meest voorkomende oorzaken van afsterven van houtige gewassen. Symptomen zijn naalden die verkleuren maar niet afvallen.
Behandeling: meestal komt hulp te laat. Je boom verhuist jammer genoeg naar zijn laatste rustplaats.
!!! Gebruik je de pot waarin je zieke boom stond opnieuw, desinfecteer hem dan grondig !!!

5. Takluis
De grijs bruine takluis (3 à 4 mm groot) oudere bomen aan. De coniferen vertonden gele plekken die later bruin worden doordat de beestjes de sappen uit de twijgen zuigen.
De takluis is het hele jaar aanwezig, maar is actief vanaf april wanneer de eitjes gelegd worden.
Een vijftal takluizen kunnen al voldoende zijn om de boom te doden. Je kunt de aanwezigheid herkennen aan de suikerachtige uitwerpselen die het diertje achter laat.
Behandeling: Zo snel mogelijk behandelen met Okapi®Totaal gecombineerd met Provado®Ultra van Bayer.

6. Rode spint
Deze kleine geel-groene diertjes leggen rode eitjes en zijn vooral tijdens een hete, droge zomer actief. Hierdoor verkleuren de naalden en vallen af. 
Behandeling: Anti-Sect-Bio van Bayer.

7. Taxuskever
Vanaf eind juli - begin augustus zijn de eerste larven van de taxuskever te verwachten. Ze vreten aan de wortels om zich te ontwikkelen.
Behandeling: met Provado®MultiCare van Bayer. 

8. Cipressenkanker Seiridium
Vooral cipres, juniperus, thuja zijn gevoelig. Typerend is dat de planten van boven naar onder afsterven. Algemeen verkleuren ze volledig vaal tot geel omdat de sapstroom van de twijgen wordt afgesneden.
In een verder stadium komen er kankers op de stammen en er vloeit gom uit de stam.
Behandeling: preventief behandelen met Derosal van Bayer.


9. Botryosphaeria kanker

Zelfde symptomen als Cipressenkanker, alleen neemt deze kanker nog grotere vormen aan.
Behandeling: preventief behandelen met Desoral van Bayer.