CHOWA ZOUTLEEUW

CHOWA ZOUTLEEUW

woensdag 13 maart 2013

Juniperus Occidentalis var. Occidentalis (2)

In de vorige post koos Peter Tea onderstaande foto als voorzijde. In dit artikel legt hij uit waarom.



Bij het kiezen van een voorzijde stel ik me altijd de volgende vragen:

1. Soort boom ? 
Een Juniperus occidentalis.

2. Welke kenmerken zijn interessant genoeg om te tonen en komen het meest natuurlijk over ?
De beweging van de stam en het spel van levend en dood hout maken het aangenaam om naar een juniperus te kijken.
De beste bomen vertonen vaak veel bochten en het geheel van de boom dient zacht over te komen zodat de opbouw van de loofetages als wolken gevormd kunnen worden.

3. Welke interessante kenmerken vertoont dit specifiek exemplaar ?
Het bijzondere aan deze boom is de afwisseling van gebieden die zacht en bochtig zijn terwijl andere dan weer een geribbeld en recht uiterlijk hebben.
De boom laat ook een mengeling van jong en levende tegenover dood en oud hout zien.

4. Vertoont deze boom unieke kwaliteiten die in geen andere terug te vinden zijn?
Absoluut. De boom lijkt op een eendenlichaam.

Waarom nu deze voorzijde ?

De boom roept het beeld van de eend of gans die klappert met de vleugels alvorens ze gaat opstijgen op en vormt de hoofdreden voor de keuze.

De technische redenen:

1. Het grootste deel van de schors rechts (links op de foto) is niet actief en kan probleemloos omgevormd worden tot dood hout. Na opkuis blijven twee zichtbare levensaders over die een indruk van ouderdom verhogen.

2. Deze zijde laat de oudste dode delen van de boom zien (zowel links als rechts). Bovendien zullen deze gebieden, na vorming, niet door loof bedekt worden. In het latere ontwerp zullen niet alle dode gebieden behouden blijven. De dunnere verdwijnen omdat deze een beeld van ouderdom in de weg staan.

3. Deze zijde toont het meeste beweging in zowel het dode als levende gebied van de boom en maakt bovendien optimaal gebruik van de omvang.

Waarom niet deze zijde als voorkant ?


1. We verliezen het beeld van de eend.

2. Een massief stuk dood hout wijst naar voor en is onbruikbaar ondanks dat de ander dode houtpartij interessant is.

3. Na opruimen zul je merken dat de levende ader uit een dode houtpartij ontstaat. Hierdoor ontstaat een discrepantie tussen boom en basis.

4. Hoewel ook deze zijde heel wat beweging vertoont oogt het geheel jong.

Ook deze zijde is niet beter.


1. Opnieuw verlies je het beeld van de eend.

2. Hoewel er bovenaan rechts nog rood hout aanwezig is, gaat het hier over dood hout. Eens opgeruimd houden we een fijne levensader over die uit de grond ontstaat. Jeneverbessen die een levensader hebben die rechtstreeks uit de grond ontstaat tonen stabieler en realistischer dan bomen waar de levenslijn bijvoorbeeld in het midden ontstaat.

3. Na opruiming zal het dode hout jong en fris aantonen. We kunnen wel wat trucs toepassen om een oud uiterlijk na te streven echter het resultaat zal nooit de werkelijkheid evenaren. Het oudste dode hout van de boom is aan deze zijde wel heel duidelijk zichtbaar. Nadeel is dan weer dat het recht naar ons toe wijst.

4. Als deze kant zou gebruikt worden dient de boom 90° naar voren gekanteld te worden om de stam rechtop te krijgen. Hierdoor zal het uitzicht ook sterk veranderen. Beter of slechter ?

5. De boom ziet er langs deze zijde niet robuust uit. Hij straalt geen kracht uit.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen