CHOWA ZOUTLEEUW

CHOWA ZOUTLEEUW

vrijdag 30 augustus 2013

"Van Meer" techniek: de theorie

Wat ?
Deze techniek zorgt voor een snellere en betere wondgenezing. Na een testperiode van 15 jaar (door Hans Van Meer en een aantal van zijn leerlingen) is bewezen dat deze techniek een verbetering is in het helingsproces van snoeiwonden.
 
De techniek
De techniek wordt het best toegepast van de vroege lente tot het begin van de zomer en dan alleen nog op:
  • bomen die beschikken over een stevig ontwikkeld wortelstelsel;
  • bomen die in een zeer goede gezondheid verkeren;
  • loofbomen.
 
 

Als voorbeeld nemen we bovenstaande boom waar tak A de nieuwe leider moet worden.
 
 

Normaal zouden we een snoeiwonde maken zoals afgebeeld op bovenstaande tekening. 
 
 

Bovenaanzicht                                                                                                          
 
Bij de traditionele technieken wordt de wonde een weinig uitgehold zodat we een scherpe afscheiding krijgen van de randen, behandelt met wondpasta en vervolgens hopen dat de natuur ervoor zorgt dat callusvorming na verloop van tijd alles heelt.
Meestal blijven we op onze honger zitten en wordt het resultaat vaak vergezeld van lelijke littekens.  
 
 

Bovenaanzicht                                                                                                          

Vooral bij meidoorn, beuk, olijf en den merk je dit op.
Wanneer we een doorsnede van een tak bekijken treffen we verschillende lagen aan:
  • Centraal hebben we de harde kern die het skelet van de tak vormt.
  • Vervolgens zien we het cambium. Dit is de autostrade waarin alle levensmiddelen die een boom nodig heeft vervoerd wordt.
  • Tot slot hebben we de schors die als een beschermend harnas de binnenliggende delen beschermt.
Belangrijk nu bij de "Van Meer" techniek zijn de schors en het cambium. Laten we de techniek vergelijken met een beenamputatie. De chirurg zal een "lap" huid sparen die langer is dan het verwijderde bot om deze achteraf over de wonde te vouwen. Deze handeling vormt de essentie van de techniek waarover we hier spreken. We sluiten de wonde van de boom af met een dun laagje cambium en zijn eigen schors als bescherming.
  

 


 
 


Keren we terug naar ons voorbeeld, echter we snoeien de stam terug volgens de groene lijn
i.p.v. de rode zodat er genoeg bast overblijft om als plooi te dienen.
 
 
 
 

Het topgedeelte wordt verwijderd en de resterende stomp bevat voldoende materiaal om    
mee te werken.
 
 

Vervolgens wordt het interne deel van de stomp verwijderd (groene kleur).                         
 
Het verwijderen van het interne deel van de stomp dient zeer voorzichtig te gebeuren want de cambiumlaag mag niet beschadigd worden. Bovendien moet een weinig van het hardhout, links van de cambiumlaag, bewaard blijven omdat anders bij het plooien de schors zou scheuren. 
 
 
 

Bovenaanzicht                                                                                                              
 
Afhankelijk van de dikte van het verwijderde deel worden verschillende werktuigen gebruikt. Welke dit zijn heeft geen belang zolang maar niet uit het oog verloren wordt de cambiumlaag niet te beschadigen.
Waar je ook op dient te letten is geen restanten over te laten binnenin de stomp. De onderkant van de wond moet ook iets dieper liggen dan de schors. Op deze manier kan de geplooide schors later netjes afgewerkt worden.
  

 


Bovenaanzicht                                                                                                         
 
 


De rode pijl geeft de vouwrichting aan. Merk de groen pijl. Om het plooien te verge-     
makkelen is er een onderaan een verdunning aangebracht aan de binnenzijde van de
stomp evenwel zonder de cambiumlaag (groen) te beschadigen.
 
 


Na het verwijderen van het hardhout dient een ring overgehouden te worden. De erva- 
ring leert dat een volledig ronde ring geen mooie plooi kan opleveren.

Met een propere scalpel snijden we kleine driehoekjes uit de ring. Vervolgens worden deze één voor één naar voor gebogen en op hun plaats gebracht. Zorg dat er geen overlapping is. Is dit wel het geval, maak de inkepingen dan iets breder. Je hoeft je geen zorgen te maken als er nog een kleine ruimte tussen de huidlapjes over blijft. Dit zal op termijn netjes genezen.
Op de tekening kun je zien dat de wonde niet in één keer gesloten wordt. Het is gemakkelijker om 1/2 tot 2/3 te sluiten. Het resterende, open deel zal mooi genezen nadat de ruimte tussen de lapjes is dichtgegroeid.
 
 


Als voorbeeld nemen we bovenstaande boom waar tak A de nieuwe leider moet worden.

Behandeling van een grote snoeiwonde van een zijtak

 


In dit voorbeeld verwijderen we een zijtak. Let erop om genoeg restant van de stomp    
over te laten.

 


De tak werd gesnoeid op de rode lijn.                                                                          

 


De rode pijl duidt de plooihuid aan, de groene de plooilijn.                                            

 


Eerst verwijderen we het bovenste deel van de stomp. Gebruik proper en scherp            
materiaal.

 


Vervolgens ontdoen we ons van het innerlijke deel van de stomp zonder de cambiumlaag
te beschadigen.

 


Het laatste deel verwijder je best met de beitel i.p.v. met mechanisch materiaal. Let er   
ook voor op niet te veel innerlijk materiaal te verwijderen. De huidplooi zou dan in de
verkeerde richting plooien.
 
 



Nadat al het nodige intern gelegen hout verwijderd is bekom je dit.                                
 
 


Vooraanzicht. De plooi kan nu netjes over de wond gebracht worden. Eventueel kan de   
flap, indien nodig, met een scherp mes nog worden bijgewerkt.
 
 


Dien je grotere wonden af te dekken, dan ga je te werk zoals in het eerste voorbaald.     
 
  
Origineel artikel: "The "Van Meer" Technique" © Hans Van Meer in ofBonsai Magazine


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen