CHOWA ZOUTLEEUW

CHOWA ZOUTLEEUW

zondag 6 september 2015

Witte den: energieverdeling

Alle bomen hebben een natuurlijk ingebouwd mechanisme dat de innerlijke huishouding regelt om zo optimaal mogelijk te kunnen overleven. Deze mechanismen zijn het duidelijkst waarneembaar bij bomen die om de één of andere reden in extreme omstandigheden terecht komen.
Zo merk je dat bomen die in een dichte begroeiing overleven, vaak maar een paar zwakke, lagere takken hebben en een kleine dicht begroeide top op zoek naar licht.
Een boom op een rotsachtige bodem spreidt dan weer zijn wortels breed uit omdat diep in de bodem binnendringen niet mogelijk is.
Deze natuurlijke groeipatronen catalogiseren we in verschillende bonsaistijlen. Het grote verschil is dat we met onze bonsai verschillende technieken gebruiken om tot deze stijlen te komen.

Een gezonde boom verkrijgen is de grootste uitdaging. Vaak kunnen we ons het verlies van takken niet permitteren. In de natuur herstelt zich dit op de één of andere manier en in de bonsaiwereld proberen we dit natuurlijk groeiproces over te nemen.
Belangrijk is het evenwicht in de boom bewaren. Daarvoor:

  • geef je elke tak de nodige ruimte en licht;
  • dien je elke knop te plaatsen zodat deze het best tot ontwikkeling kan komen;
  • zorg je ervoor dat elke etage even sterk ontwikkelt.




Bekijken we bovenstaande witte den. Na analyse merk je dat deze toch al wat jaren tellende delen heeft die zich sterker of zwakker ontwikkelden. De ontwikkeling van de kaarsen toont dit aan.




De sterke en zwakkere delen werden op bovenstaande foto gemarkeerd:



rood = sterk


geel = medium

groen = zwak


Je merkt hoe de kaarsen in grootte variëren binnen elke plateau en over gans de boom. De boom toont je duidelijk het stadium van ontwikkeling waarin elk deel zich bevindt.

Kaarsen nijpen

Het nijpen van de kaarsen is één van de technieken om het evenwicht in een boom te bewaren. Kaarsen bij een den zijn zijn investering in nieuwe groei voor het volgende jaar.




De stengel die de nieuwe kaarsen draagt, is tevens drager van de bloemen. Deze bloemen ontwikkelen pollen en vallen dan af. Een naakt stengeltje blijft over. De top van de kaars is licht groen. Dit zijn de naalden voor het volgende jaar. In vele handleidingen lees je de kaars te reduceren met 1/3 tot 2/3. Doe je dit voor de kaars volledig is opengegaan dan houd je alleen bloemen over en zal de tak afsterven.
Een meer veiligere methode bestaat erin de kaarsen vroeger te verwijderen of overtollige kaarsen volledig weg te snoeien.





In bovenstaande cluster groeien vier kaarsen. Je reduceert dit aantal tot twee door de twee sterkste weg te nemen en twee tegenoverstaande te laten staan; Zo bevorder je nog eens de vertakking.





In de top van de boom vind je meestal de sterkst ontwikkelde clusters. Heb je als doel de boom groter te later worden, laat dan de kaarsen met rust. Streef je een betere balans in je boom na, dan kun je meteen kaarsen verwijderen of wachten tot deze zijn open gegaan.


Origineel artikel: "Understanding Strength And Energy Flow in White & Black Pines" © Bonsai Basho

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen